Bouwplan Op ‘t Loev gaat voorbij aan de kracht van de samenleving

Foto animatie bron: Google.

Afgelopen week sprak de gemeenteraad van Woudrichem over het bouwplan “Op ‘t Loev”, beter bekend als het Fort-terrein aan de Hoge Maasdijk in Woudrichem. Het college bracht dit plan in op grond van de inspanningsverplichting aan bouw- en projectontwikkelaars. Direct na afloop stapte wethouder Koedoot op de ontwikkelaar af met felicitaties over het resultaat van het debat. Maar die felicitaties lijken voorbarig.
Voor en tegen
Wat behelst het plan? 96 woningen in bouwvolumes van tientallen meters lang met 3 woonlagen en zelfs een woontoren op de hoek van haven ‘Het Gatje’ en de Maas met 5 bouwlagen. Voor de rijke mensen zou het mooi wonen zijn, met een fenomenaal fraai uitzicht. Dat is winst.
Het plan bevat ook nog onduidelijkheden en risico’s. Onduidelijkheden over de verkeersveiligheid van schoolgaande kinderen, over hoe met de bevers in het gebied wordt omgegaan, over de bodemverontreiniging en risico’s in relatie tot hoogwaterkering. Woudrichem ligt in het meest kwetsbare gebied van Nederland voor overstromingen met door de ingetreden klimaatverandering kans op extremer hoogwater. De nieuwe bewoners moeten daarom verklaren dat zij die hoogwaterschade niet op de ontwikkelaar of de gemeente verhalen. Dat is geen winst.
Stichting verenigt tegenstanders
Een deel van de tegenstanders van het plan hebben zich verenigd in de ‘Stichting Respectvolle Ontwikkeling Hoge Maasdijk’ (ROHM). Zij vinden vooral dat dit plan de landschappelijke en cultuurhistorische waarde van de vesting Woudrichem en Altena aantast. “Het plan ligt binnen de historische schootsvelden, in de voormalige uiterwaarden, met zicht op Loevestein. Het gebied is een prelude op één van de mooiste vestingstadjes van Nederland. Ook brengt dit plan het voornemen de Nieuwe Hollandse waterlinie op de Unesco werelderfgoed lijst te plaatsen in gevaar. Dat zou erg wrang zijn voor de jarenlange inspanningen en besteding van miljoenen euro’s aan het restaureren van forten”, aldus Jos Korthout, voorzitter van de Stichting ROHM.
Nieuwe Hollandse Waterlinie
Korthout citeerde voormalig Rijksbouwmeester Eric Luiten van het ‘Kwaliteitsteam Nieuwe Hollandse Waterlinie: “Het voorliggend stedenbouwkundig plan verhoudt zich slecht tot de kernwaarden van het strategisch Waterlinielandschap en legt een onduidelijke relatie met de vesting. De indeling in deels haaks, deels parallel op de rivier geprojecteerde huizenstrengen overtuigt niet. Ze belemmert het zicht over de dijk naar Woudrichem én naar de overkant van de rivier. De groene ruimte is obligaat vormgegeven met een onduidelijke verdeling van publiek en privé ruimte en een stedelijke aandoend groen hofje”. Ook Stichting ROHM vindt dat de kwaliteit tekort schiet. “Waarom worden de mogelijkheden om de provincie en EU mee te laten betalen op voorhand terzijde geschoven?”
Emoties
Veel inwoners van Woudrichem voelen zich overvallen door het plan, dat in de huidige vorm pas kort voor de zomervakantie naar buiten kwam. Vertrekkend wethouder Koedoot was erg teleurgesteld dat de Stichting in zo’n laat stadium met bezwaren kwam en niet eerder de dialoog gezocht had. Dat is grappig, omdat de bezwaren binnen de wettelijke termijnen zijn ingediend en juist Koedoot afwijkt van procedures en afspraken. Stichting ROHM: “Het plan is strijdig met het door de Raad op 19 april 2016 vastgestelde ‘Visie Woudrichemse Waterkant en de wethouder geeft geen antwoord op WOB verzoeken.”
Raad van State
De stichting ROHM wil alleen om de tafel als ook de andere indieners van zienswijzen betrokken worden. “We denken dat de gemeenteraad het College steunt en stappen dan naar de Raad van State.” Progressief Altena is de enige partij die zich verzet tegen het plan. “De mogelijkheden om deze unieke locatie met elkaar beter te maken worden niet benut. Het idee is dat dit plan er snel doorheen moet worden gedrukt. Alle bestaande kaders moeten daar volgens alle andere partijen voor wijken. Dat is politiek oude stijl, die de kloof tussen politiek en samenleving vergroot. Wij willen de kracht van Altena juist benutten.”